Vrijmetselarij

De Zonen van Hermes, Rosslyn Chapel en de Vrijmetselarij

Er is een sterke relatie tussen de Schotse vrijmetselarij en de joodse esoterische traditie van de kabbala. Esoterische Schotten en joden – een alliantie in de 17de en de 18de eeuw van maatschappelijke underdogs – stonden aan de wieg van de vrijmetselarij. Een ambitieus bouwprogramma van het Schotse Hof was daarbij een katalysator.

Voor haar ambitieuze bouwprogramma had het Schotse Hof joodse bouwkennis en financiële leningen nodig. Politieke belangen en esoterie gingen daarbij hand in hand. Vanuit Schotland werd na de verovering door de Engelsen de kabbalistische vrijmetselarij geëxporteerd naar Engeland. Daar kreeg de vrijmetselarij meer de vorm van een social club dan die van een esoterische leerschool.

Zonen van Hermes

Gedurende de 17de en de 18de eeuw werd onder Europese esoterici en joodse kabbalisten druk gediscussieerd over de vraag of Hermes de leerling was van Mozes of Mozes de leerling was van Hermes.

Wie in de kathedraal van Sienna is geweest, weet het antwoord van de Italiaanse esoterici. De grote Mozes was de leerling van de nog grotere en wijzere Hermes. We zien deze fascinatie voor het hermetisme ook terug in de Schotse wortels van de vrijmetselarij.

Mozes krijgt les van Hermes

Een theorie die steeds meer leidend is geworden, is dat de wortels van de vrijmetselarij voor een belangrijk gedeelte liggen in Schotland. Veel vrijmetselaren reizen elk jaar naar Schotland om daar Rosslyn Chapel te bezoeken of de “Moeder-loge” Kilwinning Lodge nr. 0.

Voor de officiële oprichting van de Grootloge van Engeland in 1717 waren er al vrijmetselaren actief in Schotland. Veel van deze vrijmetselaren hadden grote interesse in esoterische onderwerpen als mystiek, gnostiek, alchemie en hermetisme. Zo zeer zelfs dat toonaangevende Schotse vrijmetselaren lid waren van een studiekring met de veelzeggende naam ‘Sonnes of Hermes’ (Zonen van Hermes).

Een bekend lid van deze Zonen van Hermes was Sir George Erskine of Innerteil, de grootvader van George Mackenzie, Graaf van Cromartie. Niet de minste vrijmetselaar want George Mackenzie was de tweede Grootmeester van de Schotse Grootloge, na William St. Clair van Roslin.

Rosslyn Chapel

Een prominent Schots lid van deze ‘Sons of Hermes’ was dus de opvolger van een voorvader van de Sinclairs. Voor veel vrijmetselaren een bekende naam, want de Sinclairs zijn de beschermheren van Rosslyn Chapel.

Iemand die ook in het hermetische netwerk van de Graaf van Cromartie vertoefde, was Sir Robert Moray. Een bekende naam voor alle studenten van de maçonnieke geschiedenis. Hij was niet alleen de oprichter en eerste president van de Royal Society, maar ook een vrijmetselaar. Hij werd in 1641 ingewijd in Newcastle, onder de auspiciën van een Schotse loge in Edinburgh.

Hermes in de mythische geschiedenis van de vrijmetselarij

Een studiekring van vrijmetselaren met de naam ‘Zonen van Hermes’ is niet vreemd wanneer we weten dat een van de vroegste maçonnieke manuscripten het Cooke Manuscript is. In dit zeldzaam bewaard gebleven middeleeuwse document over vrijmetselarij (ca. 1400 AD) vertelt de schrijver de mythische geschiedenis van de vrijmetselarij.

De auteur put voor zijn geschiedenisbeschrijving uit eerdere tradities die bekend waren bij de bouwgilden in Italië, Spanje, Frankrijk, Engeland en Schotland. Dit manuscript was zeer belangrijk voor de eerste vrijmetselaren omdat het de wijsheid en kunde die zij claimden in hun loges door te geven een eeuwenoude autoriteit en legitimiteit gaf.

Volgens het manuscript kregen vrijmetselaars toen ze de methoden en regels van hun vak leerden, ook instructies in de geheime geschiedenis ervan. Op basis van een mix van bronnen (de Bijbel, Josephus, Philo, Hebreeuwse apocriefe teksten, Sepher Yetzirah, de hermetica, neo-platonische en klassieke teksten) beweert de schrijver dat de wetenschap van geometrie en vrijmetselarij afstamt van vóór de zondvloed.

De Twee Pilaren

Belangrijk hierbij is de mythe die de auteur vertelt over de voorspelling die Eva verneemt van een engel. Deze engel deelt aan Eva mee dat God de mensheid gaat straffen door vuur of door water. De engel wist niet welke van de twee straffen God ging kiezen.

Om de wijsheid van Seth (het derde kind van Adam en Eva) te behouden, werden er twee pilaren gemaakt. Eentje van marmer en eentje van gebakken baksteen. Op deze manier zou tenminste een pilaar de catastrofe overleven. De twee pilaren werden gemaakt door de zonen van Lamech.

Zij graveerden op de ene pilaar de Zeven Vrije Kunsten en op de andere pilaar hun kennis over de metafyisca. De ene pilaar bevatte dus alle kennis over de stoffelijke sfeer en de andere pilaar alle kennis over de geestelijke sfeer. De pilaar met kennis over de stoffelijke sfeer werd na de zondvloed teruggevonden door Hermes Trismegistus.

[1723] ‘… upon which he erected his two large Pillars (tho’ some ascribe them to Seth) …
[1738] ‘… some call them Seth’s Pillars, but the old Masons allways call’d them Enoch’s Pillars and firmly believ’d this Tradition.
– Cooke Manuscript

Seth en Enoch

Seth werd door de vroege vrijmetselaren Enoch genoemd. Enoch werd geassocieerd met de Hermes van voor de zondvloed, namelijk de Egyptische god Thoth. ‘Enoch’ betekent in het Hebreeuws (Hanokh) zowel ‘training” of “toewijding’ als ‘inwijding’. Een toepasselijk pseudoniem voor Thoth-Hermes, de god van de inwijding.

De Pilaren J en B, bekend bij alle vrijmetselaren

Koning David kon beginnen met het bouwen van zijn tempel (van Salomo) toen Joodse werklieden terugkeerden uit Egypte waar ze onderricht waren in de wijsheid en kunde van het (vrij)metselen.

David gaf deze metselaars niet alleen regels en richtlijnen, maar ook een constitutiebrief. Deze mythische constitutiebrief is waar alle andere latere constitutie-brieven van vrijmetselaarsloges hun autoriteit aan ontlenen.

Koning Salomo gebruikte duizenden vrijmetselaars onder leiding van hun grootmeester Hiram om zijn heilige tempel te voltooien.

Vrijmetselarij komt dus volgens de vroege maçonnieke mythe uit Egypte. Haar wijsheid en kunde is na de zondvloed behouden doordat Hermes Trismegistus een pilaar terugvond.

De Pilaren J en B verwijzen naar deze belangrijke mythe. Deze pilaren worden namelijk ook wel de Pilaren van Enoch genoemd, of nog beter de Pilaren van Thoth-Hermes.

De Caduceus van Hermes

We zien Hermes ook op een andere manier een belangrijke rol vervullen in de vrijmetselarij. In de 18e eeuw waren zowel de Stewards als de Deacons boodschappers tussen de Achtbare Meester en de Opzieners. Als zodanig droegen zij een staf, een caduceus, in de linkerhand.

In de Nederlandse vrijmetselarij kan de Ceremoniemeester worden gezien als Hermes. Hij mag zich het dichts bij de zon (de Achtbare Meester) in het Oosten vrij bewegen. Hij is dus de boodschapper tussen de zon en de andere planeten. In het rituaal wordt de zon vertolkt door de Achtbare Meester en de planeten door de andere Officiëren.

De Ceremoniemeester beweegt zich vrij tussen de boven- en onderwereld, door licht en duisternis. Om deze reden is zijn symbool de caduceus of staf van Hermes.

Vrijmetselarij en hermetisme

Hermes en het hermetisme staan dus aan de wortels van de vrijmetselarij. Zowel van haar mythische geschiedenis als van haar rituele werkzaamheden. Voor vrijmetselaren is het bestuderen van Hermes en zijn Weg (het hermetisme) daarom essentieel.

De staf van Hermes en die van de Ceremoniemeester in de vrijmetselarij

Door het hermetisme te bestuderen, opent een vrijmetselaar de poort naar de diepste essentie en geheimen van de vrijmetselarij. Een poort die zonder deze kennis hermetisch gesloten blijft.

Deze geheimen confronteren vrijmetselaren echter wel met sommige ‘inconvenient truths’. Hermes geeft zijn geheimen niet gemakkelijk prijs. Er hangt een stevig prijskaartje aan. Namelijk de transformatie van wie je altijd dacht te zijn.

Wakker worden

Het hermetisme roept mensen op om nuchter te worden. Mensen die nog vastzitten in de duisternis (het maçonnieke Westen) noemt Hermes “dronken mensen”. Zij zijn onwetend over hun ware potentieel.

“Stop daarmee, word nuchter. Kijk naar boven met de ogen van het hart”, zegt Hermes. Hij waarschuwt de mens: “Het kwaad van onwetendheid overspoelt de gehele aarde en vernietigt volledig de ziel die beperkt is tot het lichaam.”

Net als in de vrijmetselarij dient in het hermetisme geest bevrijdt te worden uit de materie. Iemand kan dat niet alleen doen. Hij heeft hulp nodig. Van broeders en zusters die hem of haar zijn voorgegaan.

Zoek iemand die je bij de hand zal nemen en leiden naar de poorten van de kennis van je hart. Er is het zuivere licht, vrij van duisternis, waar niemand dronken wordt, maar allen nuchter zijn, kijkend met het hart naar Hem die gezien wil worden. Hij kan niet worden gehoord, Hij kan niet worden beschreven, noch door de ogen worden gezien, maar wel door de geest en het hart.
– Hermes

Een mooie omschrijving van de Opperbouwmeester des Heelals. De concepten van twee poorten, West en Oost, het hart en het zuivere licht zijn ook bekende concepten in de vrijmetselarij. In de ritualen van de vrijmetselarij wordt de kandidaat letterlijk aan de hand genomen om ‘nuchter’ te worden.

Weghalen van de sluier van onwetendheid

Hermes zegt ook wat je daarvoor dient te doen. Het eerste is om de sluier van onwetendheid te verwijderen. Dit is hetzelfde wat vrijmetselaren beogen met de inwijding. Bij de inwijding tot leerling-vrijmetselaar staat de blinddoek symbool voor de profaan die op zoek is naar het licht.

Tijdens de inwijding wordt de blinddoek verwijderd, wat aangeeft dat de sluier van onwetendheid weg is en de persoon niet meer een profaan is maar vanaf dan een ingewijde. Het is een overgangsrite van de wereld der verschijnselen naar de wereld der ideeën. Van die van de zintuiglijke materie naar die van de geest.

Onwetendheid en materie binden de mens aan de zintuiglijke wereld waardoor hij of zij niet omhoog kan kijken en de schoonheid van de waarheid en het Allerhoogste Goede (Summum Bonum) kan ervaren.

Zolang we onwetend zijn, zitten we verstrikt in de schijnbare zintuigen die alleen het fysieke ervaren. Hierdoor “horen we niet wat we zouden moeten horen, en zien we niet wat we zou moeten zien”. Hermes kan ons weer horende en weer ziende maken. Iets wat de eerste (Schotse) vrijmetselaren al wisten.

Bronnen

  • Restoring the Temple of Vision: Cabalistic Freemasonry and Stuart Culture, Marsha Keith Schuchard
  • A Scottish Alchemist of the Seventeenth Century : David, Lord Balcarres. By the Venerable J. B. Craven, D.D., Archdeacon of Orkney. Journal of the Alchemical Society
  • De weg van Hermes: “De Ene is het Al, en het Al komt voort uit de Ene”, Jan den Ouden, Thoth 1, 2014
  • Bestudering van Symbolen en Ritualen: De Staf – artikel van Broeder J. Snijders, AMT 3 uit 1959
  • Hermetische Geschriften, Van den Broek, Quispel, In de Pelikaan

Gerelateerde artikelen

Abonneer
Abonneren op
guest

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

0 Reacties
Inline Feedbacks
Bekijk alle opmerkingen