Vrijmetselarij

Vrijmetselarij en Moraliteit

Volgens een gangbare definitie van de vrijmetselarij is zij een bijzonder systeem van moraliteit verhuld in symbolen en allegorie. Dit betekent dat de beoefening van de vrijmetselarij, en vooral de moraliteit die zij overbrengt, het gedrag van een vrijmetselaar in positieve zin dient te beïnvloeden. Hoe zien we dit terug in de vrijmetselarij?

Een goed voorbeeld van een morele boodschap in de vrijmetselarij is het symbool van het schietlood. Het schietlood leert de vrijmetselaar om altijd moreel en oprecht te handelen. Maar het leert de vrijmetselaar ook dat we allemaal onze eigen individuele schietlood (of morele kompas) hebben.

Een vrijmetselaar leert dat het verkeerd is om met zijn of haar eigen schietlood het werk van iemand anders te controleren. De vrijmetselaar werkt aan zijn of haar eigen ruwe steen. Het schietlood dient daarom gebruikt te worden om te controleren hoe (op)recht de eigen steen is.

Eigen perspectief en moraliteit

Het schietlood is dus een soort tweevoudig symbool. Het leert de vrijmetselaar dat hij of zij de eigen morele richtlijnen dient te volgen. Maar het symbool leert ook dat we onze eigen ideeën over goed en kwaad niet op iemand anders mogen toepassen.

Elke persoon heeft een eigen unieke perspectief en een eigen moraliteit. Die van de ene persoon is niet hetzelfde als die van iemand anders. Dat maakt de ene persoon niet beter dan de andere. We zijn allemaal gewoon anders. Indien een vrijmetselaar denkt dat zijn schietlood nauwkeuriger is dan die van iemand anders, dan is het waarschijnlijk dat zijn of haar schietlood moet worden bijgesteld.

Twee van de vele symbolen die vrijmetselaren gebruiken, zijn de “ruwe steen” en de “zuivere kubiek”. De ruwe steen is een ruw gehouwen steen die rechtstreeks uit de groeve naar de werkplaats is gebracht. De zuivere kubiek is een kubusvormige steen met perfecte proporties. Perfectie is de mens niet gegeven.

De ruwe steen kan symbool staan voor de imperfecte mens, en de zuivere kubiek kan symbool staan voor het perfecte goddelijke.

Persoonlijke moraliteit is imperfect omdat wij mensen ‘ruw’ zijn. De kubieke steen kan symbool staan voor objectieve moraliteit. Dit is een soort platonisch ideaal van moraliteit en moreel gedrag dat we kunnen nastreven, maar helaas nooit zullen bereiken. Het is de taak van de vrijmetselaar wel om dit ideaal zo dicht mogelijk te benaderen.

De werktuigen die vrijmetselaren gebruiken – de passer, de waterpas, het schietlood, enz. – kunnen worden gebruikt om te zien of een vrijmetselaar op de goede weg is. Maar uiteindelijk zijn het nog steeds door mensen gemaakte werktuigen die door mensen worden gehanteerd.

Er is voor een vrijmetselaar geen betrouwbare manier om zichzelf af te meten aan het ideaal om te zien hoe ver hij of zij misschien is gevorderd, of juist is teruggezakt. En geen enkel gereedschap zal voor twee vrijmetselaren precies hetzelfde zijn en hetzelfde gebruikt worden.

Om een andere metafoor dan die uit de architectuur te gebruiken: een curve kan in de wiskunde een limiet steeds dichter benaderen, maar komt mogelijk nooit tot een concrete waarde. Hetzelfde geldt voor de mens. We kunnen het wel proberen. Vrijmetselaren kunnen hun inspanningen om beter te handelen en om (een) beter mens te worden, verfijnen. Maar op een gegeven moment moet elke vrijmetselaar zijn of haar handen opsteken en zeggen: “Ik heb mijn ruwe steen zo perfect mogelijk proberen te maken, maar zuiver is zij helaas niet omdat ik maar een mens ben.”

Beoordelen van goed en slecht

Het is een moeilijk om te proberen moderne filosofische termen toe te passen op de leringen van de vrijmetselarij. De vrijmetselarij is namelijk veel ouder is dan de meeste gangbare filosofische kaders van vandaag. En de morele leringen van de vrijmetselarij zijn zelfs veel ouder dan de organisatie.

De vrijmetselarij is bijvoorbeeld niet anti-universalistisch. Een vrijmetselaar kan nog steeds geloven in een absoluut objectief idee van goed en slecht. Maar belangrijk is dat elke vrijmetselaar zich beseft dat niet elke persoon hetzelfde in het leven staat. Aangezien je niet het hele verhaal van iemand anders kunt kennen, is het niet aan ons om te beoordelen of iemand al dan niet goed of slecht doet.

Als er een universeel goed en slecht is, kan alleen God (de Opperbouwmeester in de vrijmetselarij) met zekerheid beoordelen of iemand goed of slecht doet. De enige persoon die jij kunt beoordelen, is jezelf. Want dit is de enige persoon van wie je het hele verhaal kent.

Goed werkend innerlijk moreel kompas

De vrijmetselarij is misschien wel een bijzonder systeem van moraliteit, maar de vrijmetselarij kan een oneerlijk mens niet eerlijk maken. Noch kan de vrijmetselarij van een narcistisch persoon iemand maken die medelevend is. En een eerlijke man vertellen dat hij eerlijkheid dient te waarderen, is prediken voor eigen koor.

Daarom dient iemand een vrij mens van goede naam te zijn vóór toetreding tot de vrijmetselarij. Iemand dient al hoogstaand moreel gedrag te vertonen en een goed werkend innerlijk moreel kompas te hebben.

De vrijmetselarij geeft haar leden nieuwe doelen en enkele objectieve morele lessen om beter mens te worden. Maar dit zijn doelen en lessen die de innerlijke waarden dienen te versterken die de vrijmetselaar al voor toetreding had.

Het is om die reden dat de gezel-vrijmetselaar op reis gaat met werktuigen die grotendeels op zichzelf zijn gericht. Je kan niet andere mensen helpen, of de verbinding tussen mensen realiseren wanneer je niet jezelf tot voorbeeld voor anderen maakt. Elke vrijmetselaar beseft zich dat hij of zij de verandering dient te zijn die ze willen bereiken.

De vrijmetselarij leert haar beoefenaars daarom niet moraliteit, maar herinnert elke vrijmetselaar aan bepaalde inzichten die hij of zij op een bepaald niveau al wist. De vrijmetselarij biedt haar beoefenaars vervolgens de symbolische werktuigen die kunnen helpen om op het goede spoor te blijven.

Conclusie

De vrijmetselarij herinnert haar beoefenaars eraan om zich te gedragen als morele personen. Dit doet zij niet door de moraliteit van een vrijmetselaar te veranderen of moraliteit op te leggen, maar zij versterkt en bevestigt de aanwezige moraliteit die een vrijmetselaar al hoort te hebben.

In die zin gaat de vrijmetselarij niet om het maken van morele mensen, maar meer om de verfijning van morele mensen. Dit is mogelijk het ‘bijzondere’ in het bijzonder systeem van moraliteit dat de vrijmetselarij is.

Gerelateerde artikelen

Abonneer
Abonneren op
guest

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

0 Reacties
Inline Feedbacks
Bekijk alle opmerkingen